Aanhaken op de Frans-Duitse as: kansen in een veranderend geopolitiek klimaat



Een onvermijdelijk bondgenootschap

In de decennia na de Tweede Wereldoorlog hebben Frankrijk en Duitsland een leidende rol op zich genomen op het gebied van Europese integratie. Vaak wordt ook wel gesproken over een Frans-Duitse as; een onvermijdelijk bondgenootschap dat centraal staat in de ontwikkeling van Europese samenwerking en ook verregaande gevolgen heeft voor overige lidstaten. Premier Rutte stelde eerder dit jaar nog dat de twee grootmachten minder met zijn tweeën en meer met de EU zouden moeten optrekken.[1]


In navolging van de recente verkiezingen in Duitsland, gaat ook de Franse kiezer in april naar de stembus. De machtsverhoudingen kunnen hiermee een ingrijpende verandering ondergaan; niet alleen in de landen zelf, maar ook in de rest van Europa. Vanuit het Nederlandse perspectief is het van belang om een nieuwe strategie vorm te geven ten opzichte van beide grootmachten. Waar liggen kansen, op welke gebieden wordt samenwerking lastiger en hoe dient Nederland zich te positioneren ten opzichte van beide landen? Deze publicatie licht twee cruciale thema’s uit: het klimaat- en buitenlandbeleid.


Tijdens het schrijven van deze publicatie, vindt in Europa een grote geopolitieke omwenteling plaats vanwege de Russische invasie in Oekraïne. De thema’s uit dit artikel zijn hierdoor urgenter dan ooit.


Klimaatbeleid

Zowel Frankrijk als Duitsland heeft de energietransitie tot een speerpunt van het nationale beleid gemaakt. Er zijn echter aanzienlijke verschillen in de manieren waarop beide landen deze transitie tot stand willen laten komen. Het Duitse klimaatbeleid richt zich op wind- en zonne-energie, biomassa, geothermie, maar ook nog altijd op conventionele gascentrales.[2] De regering is van plan zowel kolen- als kerncentrales uit te faseren, en ziet gas als een tussenstap in de transitie naar een duurzaam energiesysteem.[3] Een belangrijke kanttekening hierbij is dat kernenergie nadrukkelijk geen onderdeel uitmaakt van de Duitse energiemix. Dit is in tegenstelling tot Frankrijk, dat kernenergie als een uitstekende manier ziet om de energietransitie vorm te geven. De Frans-Duitse as blijkt zelfs krachtig bij een dergelijk onderling meningsverschil, nu de Europese Commissie heeft besloten om zowel gas als kernenergie (onder voorwaarden) van een groen label te voorzien.


Op het gebied van de energietransitie lijken de paden op het eerste gezicht wellicht te verschillend om aan hechte samenwerking te denken, maar de Europese afhankelijkheid van Russisch gas - waardoor Europese lidstaten een bijdrage leveren aan de schatkist van het Kremlin - is wranger dan ooit. Zo is er unanieme steun voor het versneld afbouwen van de afhankelijkheid van Russisch gas en publiceerde de Europese Commissie recentelijk het ambitieuze REPowerEU plan om de Europese economie sneller te verduurzamen. Voor Nederland biedt dit kansen voor bilaterale inzet ten opzichte van beide landen. Het Nederlandse coalitieakkoord stelt namelijk dat gasimport voorlopig noodzakelijk blijft om te voorzien in onze energiebehoefte, terwijl ook kernenergie wordt gezien als een aanvulling op de energiemix.[4] Nederland doet er daarom goed aan om aansluiting bij Frankrijk en Duitsland te vinden om vorm te geven aan de transitie naar een duurzaam Europees energiesysteem dat past bij zijn eigen nationale situatie en ambities.


Een ander punt waarop Nederland kan aanhaken bij de Frans-Duitse as: beide grootmachten zijn het eens over het belang van het mechanisme voor koolstofgrenscorrectie uit het Fit for 55-pakket. Dit mechanisme moet ervoor zorgen dat producenten van buiten de EU geen handelsvoordelen krijgen doordat zij vrijgesteld zijn van Europese klimaatregelgeving. Ook zien beide landen een belangrijke rol voor het ETS-systeem in de regulering van emissiehandel. Door een speerpunt te maken van het ETS-systeem en koolstofgrenscorrectie kan Nederland haar slagkracht vergroten. Beide systemen hebben invloed op de import en export - van oudsher een belangrijk speerpunt voor Nederland.


Buitenlandbeleid: defensie & migratie

In het Duitse en Franse buitenlandbeleid wordt grote waarde gehecht aan een sterke Europese samenwerking op het gebied van veiligheid. Zo wordt bijvoorbeeld in het Duitse regeerakkoord gesproken over het belang van een daadkrachtige EU om grensoverschrijdende problemen aan te pakken.[5] Frankrijk heeft bij aanvang van zijn EU-Raadsvoorzitterschap aangegeven werk te willen maken van een sterke en soevereine EU op het gebied van defensie en grensbescherming.[6] Sinds de Russische invasie in Oekraïne klinkt er in Duitsland en Frankrijk een roep om meer te investeren in militaire samenwerking op het Europese continent. In Duitsland kondigde bondskanselier Scholz een eenmalige investering van honderd miljard euro in het Duitse leger aan, terwijl hij ook toezegde dat het land de nationale defensie uitgaven zal opschroeven naar twee procent van het BBP, zoals NAVO-landen al in 2006 zijn overeengekomen. Een unieke omwenteling in de houding van Duitsland, een land dat vanwege historische redenen altijd terughoudend is geweest in het verhogen van de defensie-uitgaven. Frankrijk heeft er nooit een geheim van gemaakt dat het voorstander is van een Europees leger. Macron gaf ook aan dat de Franse regering meer geld wil besteden aan defensie en stelde dat ‘onze Europese defensie een nieuwe stap voorwaarts moet zetten.’[7]


Nederland is nooit groot voorstander geweest van een EU-leger. Wel heeft Nederland ingezet op verdere bilaterale militaire samenwerking met de Duitse krijgsmacht en is het voorstander van het beschikbaar stellen van autonome militaire eenheden die de EU snel in kan zetten tijdens een crisis.[8][9] Toch lijkt het Nederlandse standpunt op gebied van Europese veiligheid en defensie te veranderen vanwege de crisis in Oekraïne. Zowel minister-president Rutte als vicepremier Kaag hebben recentelijk aangegeven dat Nederland en Europa intensief moeten blijven investeren in defensie en militaire samenwerking tussen lidstaten.[10],[11]


Voor Frankrijk is migratie een veel bediscussieerd thema binnen het buitenlandbeleid, terwijl Duitsland al langer bekend staat om zijn willkommenskultur en pleit voor een humaan en gereguleerd migratiebeleid.[12] Sterke en heldere migratieafspraken binnen de EU zijn een Franse topprioriteit.[13] Tijdens het EU-Raadsvoorzitterschap wil Frankrijk het voortouw nemen om de Schengenzone te hervormen door middel van beter Europees politiek bestuur van binnen- en buitengrenzen. Frankrijk is van mening dat volgens de Europese burger ‘l’Europe de ne pas faire assez’ op gebied van migratie.[14] De Franse inzet lijkt daarmee op dezelfde lijn te liggen met de Nederlandse ambitie om meer grip te willen krijgen op migratie door middel van slimmere samenwerking in EU-verband.[15] Deze lente staan er echter nieuwe verkiezingen op het programma in Frankrijk, en zoals gewoonlijk spelen de thema’s migratie en veiligheid hierin een grote rol. De uitdager van Macron is de extreemrechtse Le Pen, die voorstander is van een nog strenger immigratiebeleid maar voor een minder gecentraliseerde rol voor de EU. De uitslag van de verkiezingen zal dus van grote invloed zijn op de positie die Frankrijk de komende jaren zal innemen op Europees vlak.


Een historisch geopolitiek kantelpunt

De oorlog in Oekraïne katalyseert ontwikkelingen op het gebied van Europese integratie, het is zoals Jean Monnet schreef: ‘Europe will be forged in crisis.[16] Europa lijkt meer eensgezind dan ooit tevoren en de Frans-Duitse as, welke historisch gezien de motor vormt van Europese integratie, draait op volle toeren. Het ziet ernaar uit dat Duitsland en Frankrijk op het gebied van klimaat- en buitenlandbeleid nog meer inzetten op sterkere Europese samenwerking. De Europese energietransitie komt in een stroomversnelling, al is het maar om de afhankelijkheid van Russische olie- en gasimport te verkleinen. Ook op het gebied van buitenlandbeleid en defensie toont Europa zich meer verenigd dan ooit. Hoewel er discussie was over het uitsluiten van Russische banken van het SWIFT-betalingssysteem, werd een indrukwekkend arsenaal aan sancties opgesteld. De beperkte uitgaven aan de NAVO en Europese veiligheid lijken verleden tijd, terwijl ook de bereidheid om defensiemateriaal te leveren groter is dan ooit. Verder is de relevantie van het aangekondigde Europees Strategisch Kompas sterk toegenomen.


Dit is een moment waarop Nederland een bijdrage kan leveren aan het versterken van het Europese project, een moment waarop het belangrijk is dat we ons houden aan de afspraken hieromtrent uit het regeerakkoord. Zo lijkt Nederland er bij gebaat om de Franse agenda voor het EU-voorzitterschap te steunen voor een veilig Europa en lijkt Duitsland open te staan voor een hardere lijn tegenover bijvoorbeeld schendingen van de democratie en rechtsstaat. Door zich binnen Europese gremia hard te maken voor een versnelde energietransitie en nauwere samenwerking op het gebied van buitenlandbeleid, defensie, democratie en strategische autonomie, kan de Unie toekomstbestendig gemaakt worden. Samen staan we sterker dan alleen, dat is nu duidelijker dan ooit.


Geschreven door: Daniel Adam (Track DAM), Kevin Menagie (Track DEU), Tjeerd Zondag (Track DAM), Yannick Buitenhuis (Track DEU)




Disclaimer - stukken geschreven door the West Wing zijn geschreven op basis van de persoonlijke opvattingen van haar schrijvers en representeren niet het gedachtegoed van het ministerie van Buitenlandse Zaken.


 

Bronnen:

[1] Europa Nu / ANP (3 feb. 2022). Rutte: Parijs en Berlijn moeten minder samen en meer met EU doen. https://www.europa-nu.nl/id/vlq5sou4t4zo/nieuws/rutte_parijs_en_berlijn_moeten_minder?ctx=vh72mb14wkwh&s0e=vhdubxdwqrzw [2] Koalitionsvertrag 2021-2025, pp. 56-60. https://www.bundesregierung.de/breg-de/service/gesetzesvorhaben/koalitionsvertrag-2021-1990800 [3] Koalitionsvertrag 2021-2025, p. 59. https://www.bundesregierung.de/breg-de/service/gesetzesvorhaben/koalitionsvertrag-2021-1990800 [4] Coalitieakkoord Nederland 'Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst', p. 8. https://www.kabinetsformatie2021.nl/documenten/publicaties/2021/12/15/coalitieakkoord-omzien-naar-elkaar-vooruitkijken-naar-de-toekomst [5] Koalitionsvertrag 2021-2025, pp. 130-131. https://www.bundesregierung.de/breg-de/service/gesetzesvorhaben/koalitionsvertrag-2021-1990800 [6] Europa Nu (2022). Frans voorzitterschap Europese Unie 1e helft 2022. https://www.europa-nu.nl/id/vlnro87uk4mi/frans_voorzitterschap_europese_unie_1e [7] Wall Street Journal (2 mrt. 2022) France to increase defense spending in response to Russian invasion. https://www.wsj.com/livecoverage/russia-ukraine-latest-news-2022-03-02/card/france-to-increase-defense-spending-in-response-to-russian-invasion-56tWtAkB1kXUByKZ1Bvy [8] Coalitieakkoord Nederland 'Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst', p. 39 https://www.kabinetsformatie2021.nl/documenten/publicaties/2021/12/15/coalitieakkoord-omzien-naar-elkaar-vooruitkijken-naar-de-toekomst [9] Brouwers, A. (18 nov. 2021) Nederland ‘groot voorstander’ van autonome militaire eenheden onder EU-vlag.https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/nederland-groot-voorstander-van-autonome-militaire-eenheden-onder-eu-vlag~b55136ac/ [10] Rutte, M. (9 mrt. 2022). Speech by Prime Minister Mark Rutte at the university Sciences Po in Paris about the current developments in Ukraine. https://www.government.nl/ministries/ministry-of-general-affairs/documents/speeches/2022/03/09/speech-by-prime-minister-mark-rutte-at-university-sciences-po-paris [11] Kaag, S. (8 mrt. 2022). Speech by Minister of Finance Sigrid Kaag. The future of the Netherlands is European – 30 years after the Maastricht Treaty. https://www.government.nl/documents/speeches/2022/03/08/the-future-of-the-netherlands-is-european---30-years-after-the-maastricht-treaty [12] Koalitionsvertrag 2021-2025, pp. 137-138. https://www.bundesregierung.de/breg-de/service/gesetzesvorhaben/koalitionsvertrag-2021-1990800 [13] French presidency of the Council of the European Union (2021). Priorities. https://presidence-francaise.consilium.europa.eu/en/programme/priorities/ [14] Ibid. (vert. Europa doet niet genoeg’) [15] Coalitieakkoord Nederland 'Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst', pp. 40 - 42 https://www.kabinetsformatie2021.nl/documenten/publicaties/2021/12/15/coalitieakkoord-omzien-naar-elkaar-vooruitkijken-naar-de-toekomst [16] Monnet, J. (1976) Mémoires. Paris: Librairie Arthème Fayard